Wat kost een huishouden per maand?
Waarom gemiddelden je weinig vertellen, en hoe je het antwoord voor jouw huishouden berekent.
Op de vraag wat een huishouden per maand kost, bestaan veel antwoorden die op internet rondgaan. Ze zijn bijna allemaal onbruikbaar, en dat komt door hoe zulke gemiddelden tot stand komen.
Waarom gemiddelden niet over jou gaan
Een gemiddelde over alle Nederlandse huishoudens telt eenpersoonshuishoudens in een huurwoning mee met gezinnen van vijf in een koopwoning. De twee grootste posten — wonen en vervoer — verschillen zo sterk per situatie dat het gemiddelde precies tussen twee groepen valt waar bijna niemand in zit.
Bruikbaarder is de vraag: uit welke posten bestaat het, en welke daarvan heb ik?
De posten waar het bij vrijwel iedereen om gaat
Wonen. Huur of hypotheek, plus de posten die eraan vastzitten: gemeentelijke belastingen, waterschapslasten, opstal- en inboedelverzekering, en bij een koopwoning het onderhoud dat je eigenlijk zou moeten reserveren.
Energie en water. Een termijnbedrag, dus een schatting, met één keer per jaar een afrekening.
Verzekeringen. De zorgverzekering per persoon is meestal de grootste, en daarnaast een reeks kleinere: aansprakelijkheid, auto, rechtsbijstand, reis, uitvaart. Bij elkaar vaak veel meer dan mensen denken, precies omdat het over veel kleine bedragen verdeeld is.
Vervoer. Autoverzekering, wegenbelasting, onderhoud, brandstof of laden — of abonnementen voor openbaar vervoer.
Abonnementen en lidmaatschappen. Internet, mobiel, streaming, sport, kranten, software.
Aflossingen. Studieschuld, persoonlijke lening, doorlopend krediet.
Boodschappen en de rest. Geen vaste last, maar wel het grootste variabele bedrag.
Hoe je jouw eigen bedrag berekent
De methode staat los van welke tool je gebruikt:
- Neem per post het werkelijke bedrag en de periode
- Reken alles om naar een bedrag per maand
- Tel op
- Zet je netto-inkomen ernaast, inclusief toeslagen
Wat je dan hebt, is geen gemiddelde maar een cijfer over jouw huishouden. Dat cijfer is bruikbaar, want je kunt het volgen: het verandert als je overstapt, opzegt of oversluit.
Voorbeeldsituatie. Twee huishoudens met bijna hetzelfde inkomen komen op sterk verschillende vaste lasten uit — het ene woont in een koopwoning met drie hypotheekdelen en twee auto's, het andere huurt en heeft geen auto. Het gemiddelde van die twee zegt over geen van beide iets.
Wat je verder helpt
- Reserveer voor de posten die één keer per jaar komen, in plaats van ze op te vangen in de maand dat ze komen
- Kijk naar de grote posten voordat je naar de kleine kijkt; € 20 op een abonnement is een rondingsfout naast een hypotheekdeel
- Werk je overzicht bij op de momenten dat het verandert: na een jaarafrekening, een overstap of een salariswijziging
Reken het uit met een gratis account of lees hoe je je vaste lasten op een rij zet.